Consumptie van chocola per jaar sinds 1995 = $$\newcommand\T{\Rule{0pt}{1em}{.3em}} \begin{array}{c|c|c|c} \mbox{Jaar} & 1995 & 2000 & 2005 & 2010 \T \\\hline \mbox{Kilo chocola} & 1 & 2 & 4 & 6 \end{array}$$
a. Geef met behulp van interpoleren een schatting van het aantal kilo chocola dat men gemiddeld at per jaar in 2003.
b. Geef met behulp van extrapoleren een schatting van het aantal kilo chocola dat men gemiddeld at per jaar in 2014.
Uitwerking
a. Bij interpoleren zoek je eerst dichtstbijliggende waardes rond het jaar waarvan je een schatting maakt.
In 2000 at men gemiddeld 2 kilo chocola per jaar.
In 2005 at men gemiddeld 4 kilo chocola per jaar.
Daarna bereken je de groei/afname tussen deze twee gemeten waardes. In 5 jaar groeide de chocola consumptie met 4 - 2 = 2 kilo.
Per jaar was de groei van de chocola consumptie tussen 2000 en 2005 $$\frac{2}{5}$$ kilo.
Nu kun je tussenliggende waarde interpoleren. 2000 - 2003 = 3 jaar.
Chocola consumptie in 2003 = Chocola consumptie in 2000 + de schatting van de verandering ten opzichte van 2000
= $$2 + 3 ·\frac{2}{5}\approx 3,2 \mbox{ kilo}$$.
b. Bij extrapoleren zoek je eerst de twee dichtstbijliggende waardes rond het jaar waarvan je een schatting maakt.
In 2010 at men gemiddeld 6 kilo chocola per jaar. In 2005 at men gemiddeld 4 kilo chocola per jaar. In 5 jaar tijd groeide de chocoladeconsumptie dus met 6 - 4 = 2 kilo.
Per jaar was de groei van de chocoladeconsumptie tussen 2005 en 2010 dus ongeveer $$\frac{2}{5}$$ kilo. Bij het extrapoleren gaan we ervan uit dat de groei na 2010 hetzelfde doorging.
2014 - 2010 = 4 jaar.
Chocola consumptie in 2014 = Chocola consumptie in 2010 + de schatting van de verandering ten opzichte van 2010
= $$6 + 4 ·\frac{2}{5}\approx 7,6 \mbox{ kilo}$$